Wat een ingekocht gastartikel laat werken in Google en AI

Linkbuilding

Michael Groeneweg · 10 september 2026 · Bijgewerkt 27 september 2026

Een ingekocht gastartikel werkt als het ook zonder de link een goed artikel is: het past bij de rest van de blog, staat nergens anders, en de link wijst naar de pagina die moet ranken, met een anker dat bij het onderwerp van het stuk hoort. Voor AI-zoekmachines komt daar iets bij. Elke passage moet op zichzelf leesbaar zijn en de feiten meedragen die een model kan overnemen: een tussenkop, een jaartal of bedrag, je merknaam, een auteursnaam, een bron en, als je lokaal werkt, je plaatsnaam.

In de meeste plaatsingen in ons netwerk ontbreekt het grootste deel daarvan. Dat ligt niet aan de blogs: in ruim 97 procent van de bestellingen levert de koper de tekst zelf aan. Vrijwel elke verbetering hieronder heb je dus zelf in de hand.

De negen factoren in één lijst

Waar komen de cijfers vandaan?

De netwerkcijfers komen uit enkele honderden ingekochte gastartikelen die tussen maart 2024 en september 2026 live gingen op de blogs in het SEOLinker-netwerk. We analyseerden in augustus en september 2026 de gepubliceerde tekst zelf, niet de bestelformulieren. Per meting verschilt de set iets, omdat soms alleen artikelen met een volwaardige tekst of met een link in de lopende tekst meetelden. Alle cijfers zijn geaggregeerd en relatief.

Hoe beoordeelt Google een ingekocht gastartikel?

Google weegt bij gastcontent vier dingen: of de sectie eruitziet als de rest van de site, of de kwaliteit afwijkt van de redactionele artikelen, of duidelijk is wie de tekst schreef, en of dezelfde tekst ook elders staat. Die criteria voegde Google eind augustus 2026 toe aan de documentatie over spambeleid, waarbij de passage over site reputation abuse groeide van iets meer dan 900 naar ruim 9.000 tekens. Geen van de vier is op zichzelf doorslaggevend, maar voor het eerst staat zwart op wit waar de grens ligt tussen een gastartikel dat meetelt en een dat alleen autoriteit leent.

Wat veranderde er op 30 augustus 2026?

Na een procedure die de Europese Commissie in november 2025 onder de Digital Markets Act opende, laat een handmatige maatregel wegens site reputation abuse een site in de Europese Economische Ruimte niet meer wegzakken in de zoekresultaten. Het beleid zelf bleef gelijk. Maar in de aankondiging stond ook dat Google zo'n sectie binnen de EER voortaan als losstaand geheel kan behandelen, zodat die op eigen kracht moet ranken. Search Engine Journal beschreef de wissel als het vervangen van een straf door een scheiding.

Voor een koper pakt die scheiding slechter uit. Een handmatige maatregel verschijnt in Search Console en valt op te heffen. Bij een sectie die Google apart weegt, krijg je geen melding en valt er niets op te heffen. Koop je een plaatsing op een sterk domein en belandt je artikel in een deel dat Google los beoordeelt, dan betaal je voor de autoriteit van dat domein en krijg je die van een submap die bij nul begint. Wat een plaatsing waard is, hangt dus niet alleen af van de prijs per branche, maar ook van waar het artikel in de site terechtkomt.

Hoe vaak staat dezelfde tekst op meerdere blogs?

Ongeveer een op de zes betaalde plaatsingen met een volwaardige tekst begint met exact dezelfde driehonderd tekens als een plaatsing op een ander blog. De meeste van die openingen staan op twee of drie blogs, een enkele op meer dan tien. Volledig identieke artikelen zijn zeldzaam, minder dan een procent. Kopers hergebruiken vooral de opening, en dat is precies wat Google vrijwel identiek noemt. Een duplicaatstraf bestaat niet, maar bij nagenoeg gelijke pagina's toont Google er een en laat de rest liggen. Vijf plaatsingen met dezelfde opening leveren zo de werking van iets tussen een en twee op. Van de vier criteria ligt alleen dit volledig bij de koper.

Wat controleer je voordat je koopt?

  1. Kijk waar het artikel landt. Vraag een voorbeeld van een eerdere plaatsing. Staat die in de gewone artikelstroom of in een submap als /partners/ of /advertorial/? Zo'n aparte submap laat zich makkelijk afsplitsen.
  2. Leg twee pagina's naast elkaar. Heeft een ingekochte plaatsing hetzelfde sjabloon, dezelfde auteursweergave en dezelfde rubrieken als een redactioneel artikel?
  3. Controleer of het artikel via de navigatie te vinden is, in een categorie en in de sitemap.
  4. Lees drie redactionele artikelen. Haalt jouw tekst hetzelfde niveau? Het verschil telt, niet de absolute kwaliteit.
  5. Publiceer elke tekst één keer. Herschrijf voor elke blog minstens de opening, de tussenkoppen en de voorbeelden.

Stel jezelf daarna de vraag of het artikel, los van het domein, op eigen kracht zou kunnen ranken. Zo nee, dan bestaat de plaatsing alleen om autoriteit te lenen, en Google maakte in zijn beleidsbericht van november 2024 al duidelijk dat redactionele betrokkenheid van de host daar niets aan verandert. Hoe dit past in de bredere lijn van Google, lees je in ons overzicht van de spamupdates van 2026.

Naar welke pagina moet de link wijzen?

Naar de pagina die moet ranken voor de zoekterm waarvoor je de link koopt. In ons netwerk wijst bijna een derde van de links (32 procent) naar de kale homepage. De rest gaat naar een diepere pagina, en meestal niet ver: ruim vier op de tien daarvan liggen een niveau onder de homepage en ruim een derde twee niveaus. Dat zijn meestal categorie- of dienstpagina's, en dat is de bedoeling.

Autoriteit komt binnen op de URL waarnaar je linkt en verspreidt zich van daaruit via interne links. Je homepage heeft die hulp het minst nodig: hij krijgt het directe verkeer en de meeste vermeldingen al vanzelf. De dienstpagina op positie 12 voor een zoekterm waar geld in zit, moet het doen met wat er via interne links naar beneden druppelt. Hoe je die doorstroming regelt, staat in ons artikel over backlinks en interne links.

Wanneer is de homepage wel de juiste keuze?

Bij een jong domein dat Google eerst als bestaand merk moet leren kennen, bij een kleine site waar de homepage de dienstpagina is, en als tegenwicht in een campagne, omdat een profiel met alleen commerciële diepe links onnatuurlijk oogt. In alle drie gevallen is het anker je merknaam. De meeste kopers doen dat goed: ruim driekwart van de homepagelinks in ons netwerk heeft de merknaam of URL als anker, en bijna acht op de tien diepe links een inhoudelijk trefwoord.

Bijna een kwart van de homepagelinks combineert de homepage echter met een commercieel trefwoord, zoals "amerikaanse koelkast". Het anker zegt dan dat de pagina over een product gaat, terwijl de bestemming over het hele bedrijf gaat. Bovendien noemt Google advertorials met geoptimaliseerde ankertekst expliciet in zijn spambeleid. Kies dus merknaam plus homepage, of trefwoord plus de pagina over dat trefwoord.

Wat doe je met een tweede link?

Ruim de helft van de plaatsingen bevat meerdere links naar de koper. In 15 procent daarvan wijzen ze naar precies dezelfde URL, en in ruim een op de tien staan ze allebei op de homepage. Dat voegt niets toe. Ongeveer vier op de tien doen het wel slim: een merklink naar de homepage en later een link naar een concrete pagina, of twee verschillende diepe pagina's met elk een eigen anker. Houd het bij twee, hooguit drie links.

Controleer ook de URL zelf. In 6,7 procent van de links staat http terwijl de site op https draait. Een 301 kost volgens Google geen PageRank, maar een gastartikel pas je zelden nog aan, en bij een latere verhuizing ontstaat een keten. Klopt de URL met https, www en slash precies met je canonieke versie, en is de doelpagina geen pagina die je binnenkort samenvoegt? Een link naar een verdwenen pagina verliest stil zijn waarde, zoals onze analyse van linkverval laat zien.

Past je ankertekst bij het onderwerp van het artikel?

Meestal niet. Van alle ankerteksten in ons netwerk deelt 35 procent minstens een woord met de titel van het artikel waarin de link staat. Nog eens 13 procent komt terug in een tussenkop. Bij de overige 52 procent staat het onderwerp van het anker alleen in de lopende tekst, vaak alleen in de zin met de link. Per artikel gerekend dragen bijna zes op de tien plaatsingen een link die thematisch losstaat van het stuk eromheen.

Woordoverlap is een grove maat, maar de orde van grootte is duidelijk, en per niche loopt het flink uiteen. Het aandeel artikelen waarin een ankerwoord in de eigen titel terugkomt: Vrouwen 59 procent, Interieur 47 procent, Geld 44 procent, Mannen Lifestyle 38 procent, Gezondheid 35 procent en Auto 13 procent.

Waarom kijkt Google naar het artikel rond de link?

Omdat een link zonder context weinig zegt. Volgens Googles documentatie over links is goede ankertekst beschrijvend, beknopt en relevant voor de pagina waarop hij staat én de pagina waar hij naartoe wijst, en doen ook de woorden rond de link ertoe. Het patent achter het reasonable surfer-model (US8117209B1) noemt links die niets met het document te maken hebben al als links die zelden worden gevolgd. Een patent beschrijft niet het algoritme van vandaag, maar laat zien dat Google al vijftien jaar kijkt naar de thematische inbedding van een link.

De mismatch ontstaat bij de bestelling. De koper kiest een site, een prijs, een doelpagina en een anker, en pas als laatste waar het artikel over gaat. Vier op de tien ankers bestaan uit één woord, meestal het doelzoekwoord, en een op de acht links heeft de kale URL als anker. Google gebruikt zo'n URL niet als beschrijving, zonde van het enige signaal dat je volledig zelf bepaalt. Het mediane gastartikel telt bovendien zo'n 450 woorden, en ruim 30 procent van de links staat al in het eerste vijfde deel van de tekst. Daar past geen tweede onderwerp in.

Voor AI-antwoorden weegt dit nog zwaarder. Een assistent knipt een pagina in stukken en citeert je alinea, niet je artikel. Komt je onderwerp in één alinea voor, dan moet dat fragment het alleen opnemen tegen pagina's die er helemaal over gaan. Staat het ook in de titel en een tussenkop, dan draagt elk fragment je thema mee.

Hoe kies je een anker dat past?

  1. Kies het onderwerp vanuit je anker. Begin bij de pagina die je wilt versterken, bedenk welk artikel daar logisch naar zou verwijzen en bestel dat artikel.
  2. Gebruik twee tot vier beschrijvende woorden. Lees het anker zonder de zin eromheen. Snap je dan waar de bestemming over gaat?
  3. Laat je thema terugkomen in de titel of een tussenkop en in de alinea rond de link.
  4. Zet de link in de sectie die het onderwerp behandelt, niet in de eerste alinea, en zeg in de zin ervoor waarom je verwijst.

Hoe je ankers over een hele campagne verdeelt, staat in ons artikel over anchor text strategie.

Waarom heeft een gastartikel tussenkoppen nodig?

Omdat zoekmachines en AI-assistenten een pagina in passages opdelen, elke passage apart beoordelen en de sterkste tonen. Koppen, alinea's en lijsten bepalen waar die knip valt. Een artikel zonder koppen is één lange passage, en die is te groot om te citeren.

In ons netwerk heeft 42 procent van de betaalde plaatsingen geen enkele tussenkop, en ongeveer een kwart is één kaal tekstblok zonder kop, lijst of tabel. Maar 18 procent bevat een opsomming. Lengte speelt mee: van de artikelen onder de 400 woorden heeft minder dan 3 procent een tussenkop, van de artikelen boven de 1.000 woorden 95 procent.

In een analyse van 15,7 miljoen citaties uit Google AI Mode, in juli 2026 gepubliceerd door Search Engine Land, was de mediane lengte van een uitgelicht fragment 117 woorden, 80 procent van die passages gaf het antwoord in de eerste zin, en ongeveer 85 procent was zonder de omringende tekst te begrijpen. Passages met een vraag erboven werden ongeveer twee keer zo vaak hergebruikt. Voor de gewone resultaten geldt hetzelfde: Google haalt featured snippets uit tekst die zelfstandig een vraag beantwoordt.

Hoe lever je een tekst aan die uitgeknipt kan worden?

  1. Zet minstens drie H2-koppen in de tekst, ook bij 500 woorden, en formuleer er twee als vraag: "Wat kost een dakkapel in 2026" in plaats van "De kosten van een dakkapel".
  2. Geef het antwoord in de eerste zin onder de kop, de onderbouwing daarna.
  3. Houd elke sectie tussen de 75 en 150 woorden en noem het onderwerp in de sectie zelf. Schrijf geen "zoals hierboven beschreven".
  4. Voeg één opsomming of tabel toe met prijzen, stappen of criteria.
  5. Schrijf 700 tot 900 woorden in plaats van 400. De plaatsing kost er niet meer door.

Meer over deze aanpak staat op onze pagina over AEO en het directe antwoord.

Wat doet een jaartal of bedrag in je gastartikel?

Het plaatst je tekst in de tijd en in cijfers, zodat hij past bij vragen als "wat kost een warmtepomp in 2026". Ingekochte gastartikelen doen dat bijna nooit. We vergeleken ze met de artikelen die de redactie van dezelfde blogs zelf schreef:

Bijna negen op de tien ingekochte artikelen bevatten geen van deze vier, tegen 56 procent van de redactionele. Lengte verklaart dat niet: het verschil daarin is maar 13 procent. Het zit in de opdracht: de tekst moet een link bevatten en bij de blog passen, en omdat de plaatsing jaren moet blijven staan, gaat alles wat kan verouderen eruit. In de niches Geld en Gezondheid noemt geen enkel ingekocht artikel een jaartal. Juist bij geld heeft bijna elke vraag een tijdsvenster, want tarieven, drempels en regelingen veranderen elk jaar.

Waarom slaat een AI-antwoord een tekst zonder jaartal over?

Omdat een assistent een vraag met "dit jaar" herschrijft naar een concreet jaar, en dan wint de bron die dat jaar letterlijk noemt. Onderzoek naar zoekopdrachten met een tijdsaanduiding laat zien dat woorden als tegenwoordig of dit jaar niet worden herkend als datum, een kaal viercijferig jaartal of een maand met jaar wel. Voor bedragen werkt het net zo: "tussen de 2.000 en 8.000 euro" kan letterlijk in een antwoord, "de kosten lopen uiteen" niet. De onderzoekers van Princeton die de term Generative Engine Optimization introduceerden, lieten zien dat gerichte tekstaanpassingen de zichtbaarheid in generatieve antwoorden met tot 40 procent verhogen. Cijfers en bronnen toevoegen hoorde bij de best werkende ingrepen.

Vers hoeft je artikel niet te zijn. Ahrefs analyseerde bijna zeventien miljoen citaties en zag dat AI-assistenten gemiddeld pagina's van 1.064 dagen oud aanhalen, tegen 1.432 dagen in de organische resultaten. Je hebt dus geen nieuw artikel nodig, wel een jaartal dat op een tijdsvraag past; hoe snel een assistent een plaatsing oppikt, maten we apart. Strooi er ook geen datums doorheen: Google waarschuwt dat zijn systemen bij losse datums verspreid over een pagina de verkeerde kunnen kiezen.

Zet daarom vier dingen in je tekst: het jaar in een zin waar het iets betekent ("sinds 2026 geldt"), een bedrag of bandbreedte, een percentage of verhouding, en de herkomst van het cijfer. Plaats ze in de alinea onder een tussenkop, liefst dezelfde alinea als je link. Staat het cijfer in de eerste alinea en de link in de zesde, dan mist het geciteerde fragment waarschijnlijk je merk.

Wat levert een auteursnaam onder je gastartikel op?

Geen hogere positie, wel een vaste plek waar je naam, je bedrijf en je vakgebied samen in één zin staan. Geen enkel ingekocht artikel heeft een blokje over de auteur of de woorden "geschreven door", en een functie bij een naam komt in minder dan een half procent voor. Tegelijk gebruikt bijna een op de tien artikelen wel "volgens" of "aldus" voor iemand anders. Kopers kennen naamsvermelding dus prima, ze passen het alleen niet op zichzelf toe.

Google zegt twee dingen die elkaar niet tegenspreken. Search Liaison stelde in januari 2024 dat auteursvermeldingen iets zijn voor je lezers, niet voor Google. En de documentatie over nuttige content vraagt of bezoekers kunnen zien wie de tekst schreef. Een byline duwt je positie dus niet omhoog, maar hij is een vindplaats. Een taalmodel leert welke namen bij elkaar horen doordat ze in dezelfde tekst naast elkaar staan. Een losse merknaam zegt het model weinig; dezelfde naam steeds naast een vakgebied en een regio wel. Daarom telt het ook dat merken veel vaker genoemd dan gelinkt worden.

Hoe schrijf je een ondertekening die iets oplevert?

Drie regels onder de laatste alinea, in de derde persoon, met naam en functie, bedrijfsnaam plus wat je doet, en een concreet gegeven zoals een regio of een jaartal. Bijvoorbeeld: "Sanne de Wit is eigenaar van Hoveniersbedrijf De Wit, een tuinaanlegbedrijf in Arnhem. Ze werkt sinds 2011 aan siertuinen en daktuinen in Gelderland en schrijft over onderhoudsarme beplanting." Achtentwintig woorden, vier feiten. De bedrijfsnaam naast de categorie is het deel dat de meeste mensen vergeten: de naam alleen is een woord, de naam met wat je doet is een feit.

Schrijf niet in de ik-vorm, want op andermans site leest dat als een advertentie. Spel je naam en bedrijfsnaam in elke plaatsing hetzelfde, anders bouw je twee halve entiteiten op in plaats van een hele. Vraag de blog de bio als gewone tekst te laten staan, niet in een widget of afbeelding. En omdat Google in de documentatie over Article-markup aanraadt om de auteur te koppelen aan een profielpagina, spel je je naam exact zoals op je teampagina en je LinkedIn-profiel.

Noemt je gastartikel je merknaam?

In zeven op de tien ingekochte artikelen niet. Bij 70 procent van de plaatsingen met een link naar de opdrachtgever staat de merknaam nergens, ook niet in het anker. Verder zagen we dit:

Van de artikelen die het merk wel noemen, doet bijna de helft dat één keer. Omdat we de merknaam uit het domein afleidden, ligt het aandeel zonder merknaam in werkelijkheid mogelijk iets lager, maar de richting is duidelijk.

Wat is een ghost citation?

Een AI-antwoord dat jouw pagina als bron linkt, maar je merk in de tekst niet noemt. Kevin Indig onderzocht dit in juni 2026 met Semrush in veertien landen en vier AI-zoekmachines. Van alle verschijningen kreeg 74,9 procent een bronlink, maar werd slechts 38,3 procent bij naam genoemd. Nederland zat bij de landen met de laagste naamsvermelding, tussen 18 en 22 procent, opvallend dicht bij de 18,7 procent uit ons netwerk. Een tweede meting, besproken door Search Engine Land, liet zien dat Gemini en Copilot vaak namen noemen maar weinig linken, terwijl Perplexity, ChatGPT en de Google-motoren volop linken en de naam vaker weglaten.

Dat komt doordat een AI-antwoord een samenvatting is. Het model kiest per zin wat het overneemt, en je naam gaat alleen mee als hij in de bewering zelf staat. Domeinautoriteit lost dat niet op, want Domain Rating bepaalt niet of een AI-zoekmachine je citeert. Ahrefs zag bij 75.000 merken dat merkvermeldingen op het web het sterkst samenhingen met zichtbaarheid in AI Overviews (0,664), gevolgd door merkgerichte ankerteksten (0,527). Backlinks kwamen uit op 0,218. Correlatie is geen oorzaak, maar de volgorde spreekt.

Hoe schrijf je een zin die je naam meeneemt?

Zet naam en bewering in dezelfde zin. "Een goed matras gaat gemiddeld acht jaar mee. Kijk voor meer informatie op matrassen kopen" levert een model een algemeen feit en een URL op. "Uit de retourcijfers van Slaapfabriek, een matrassenwinkel uit Zwolle, blijkt dat 12 procent van de kopers binnen honderd nachten ruilt" levert een feit op dat aan jouw naam vastzit. Vier regels:

  1. Maak je naam het onderwerp van de zin met de claim.
  2. Hang er een getal aan, zoals een percentage, een aantal jaren of een levertijd. Minder dan 2 procent van de plaatsingen doet dit.
  3. Geef bij de eerste vermelding context: een korte omschrijving en je plaats.
  4. Noem je merk vooraan, niet pas halverwege het artikel.

Controleer elk kwartaal zelf of het werkt. Leg vijf vragen die je klanten echt stellen voor aan ChatGPT, Gemini, Perplexity en Google, en noteer of je genoemd wordt, of je gelinkt wordt en welke bron het antwoord voedt. Uit je analytics haal je dit niet: Google legt in de documentatie over AI-functies in Search uit hoe links ontstaan, maar geeft geen uitsplitsing per antwoord.

Horen er uitgaande bronlinks in een gastartikel?

Ja, een of twee. Niet voor je ranking, maar omdat ze je artikel door de redactie helpen, je passages citeerbaar maken en de tekst laten lezen als advies in plaats van als folder. In ons netwerk gebeurt het bijna nooit. In 86 procent van de ingekochte artikelen wijzen alle links naar één domein, meestal dat van de koper. Bij de 9 procent met een tweede domein is dat vrijwel altijd ook commercieel, zoals een tweede webshop van dezelfde eigenaar. Minder dan een half procent verwijst naar een onafhankelijke bron.

Veel kopers denken dat een link naar buiten waarde weglekt. John Mueller van Google beantwoordt die vraag al jaren hetzelfde: naar andere sites linken is geen rankingfactor, en uitgaande links wegstoppen levert niets op. Search Engine Journal zette die uitspraken naast elkaar. Een link naar een overheidssite geeft je omgekeerd ook geen bonus. Wat een bron wel doet, zit in de tekst. Je kunt niet naar een onderzoek verwijzen zonder te zeggen wat eruit kwam, en dan heb je een zin geschreven die een model kan overnemen. En een tekst die alleen naar de opdrachtgever wijst, sturen strenge redacties terug.

Welke twee bronnen stuur je mee?

  1. Een cijfer van een instantie die niets verkoopt, zoals het CBS, een brancheorganisatie of een toezichthouder, over het probleem waar jouw product een antwoord op is. Zet het in de tweede of derde alinea.
  2. Een vakbron die de context geeft, zoals een onderzoek, een norm of een handleiding. Plaats die bij de uitleg, niet bij je aanbeveling.

Zet beide bronlinks vóór je eigen link, gebruik de naam van de bron als anker en controleer elke URL. Laat sierlinks weg en link niet naar partijen die hetzelfde verkopen als jij. Bronnen maken een te korte tekst ook niet beter: ruim een kwart van de ingekochte artikelen blijft onder de 400 woorden, en volgens Ahrefs krijgt 96,55 procent van alle pagina's geen enkel bezoek uit Google. Je bronlinks zet je als normale links neer. Alleen de link naar je eigen site hoort in een betaalde plaatsing gekwalificeerd te worden; wat dat voor je aankoop betekent, lees je in ons stuk over sponsored, nofollow en dofollow.

Hoe maak je een landelijk gastartikel lokaal relevant?

Door je bedrijfsnaam, je plaats en wat je doet in de zin rond de link te zetten, en de plaats uit je anker te laten. Maar 4,9 procent van de ingekochte gastartikelen in ons netwerk noemt een Nederlandse plaatsnaam, en in de ankerteksten staat er geen enkele. Dat eerste is een gemiste kans voor installateurs, klinieken en hoveniers die hun klanten in de eigen regio vinden. De blogs in ons netwerk zijn landelijk en thematisch, en regionale blogs die gastbijdragen plaatsen zijn in Nederland schaars. Wie lokaal werkt, moet de geografie dus zelf in de tekst aanleveren.

Google baseert je lokale positie op relevantie, afstand en bekendheid. Die bekendheid is volgens de helppagina van Google Bedrijfsprofiel mede gebaseerd op links naar je bedrijf, en die bouw je buiten je eigen site op. In het Local Search Ranking Factors-onderzoek van Whitespark (editie 2026, 47 specialisten) scoren linksignalen hoger voor de lokale organische resultaten dan voor het kaartblok, maar wie organisch stijgt, maakt vaker kans op dat kaartblok. Dat mechanisme staat in ons artikel over lokale backlinks en het Google 3-pack. Ongelinkte merkvermeldingen staan in hetzelfde onderzoek op plek 126 voor het kaartblok, maar op plek 12 voor zichtbaarheid in AI-zoekresultaten.

Wat zet je in de zin rond je link?

  1. Je bedrijfsnaam exact zoals in je Bedrijfsprofiel. Heet je bedrijf daar Installatiebedrijf Van Dijk, schrijf dan niet Van Dijk Installaties.
  2. De plaats in dezelfde zin, en als het kan een wijk of herkenbaar punt. Iedereen noemt de stad, bijna niemand de wijk.
  3. Geen plaatsnaam in het anker. "Loodgieter Utrecht" op een landelijk lifestyleblog is de overoptimalisatie waar Ahrefs in zijn materiaal over lokale SEO voor waarschuwt.
  4. Een link naar je vestigingspagina, met adres, openingstijden en LocalBusiness-markup. Bouw geen dunne variant per plaats, want dat noemt Google doorgangspagina's.

Werk je bij klanten thuis met een servicegebied, noem dan de stad of regio uit je profiel. Controleer na publicatie of die bijzin het inkorten heeft overleefd, want redacties schrappen zulke details het eerst. En verwacht niet te veel: een plaatsnaam in een landelijk gastartikel vervangt geen vermelding in de regionale pers, waar het domein de geografie al draagt.

Zo leg je dit vast in je bestelling

De meeste briefings bevatten een onderwerp, een anker, een URL en een woordenaantal. Maak er een vast sjabloon van met deze velden:

Open na publicatie de live pagina en controleer of het artikel in een categorie staat, of de link in de sectie over jouw onderwerp staat, of je merknaam en achternaam erin staan en of de URL klopt. Ontbreekt er iets, vraag dan om een aanpassing zolang het artikel nog vooraan op de blog staat.

Wat is er veranderd in dit artikel
  • 27 september 2026 Dit artikel bundelt nu negen onderwerpen: naast de vier criteria van Google ook linkdoel, ankertekst, tussenkoppen, jaartal, auteursnaam, merknaam, bronnen en plaatsnaam, elk met cijfers uit ons netwerk en een briefingsjabloon.
Google guest posting betaalde links gastartikel site reputation abuse duplicate content
M
Geschreven door
Michael Groeneweg
Oprichter SEOLinker

Michael is oprichter van SEOLinker en helpt bedrijven met hun online zichtbaarheid via linkbuilding. Met meer dan 10 jaar ervaring in SEO en digital marketing adviseert hij ondernemers en bureaus over effectieve backlink-strategieen.

Begin met linkbuilding

Plaats backlinks op 317+ Nederlandse blogs. Gratis account, geen verplichtingen.

Account aanmaken