Vorige week haalden we alle 527 betaalde plaatsingen uit ons netwerk op die sinds maart 2024 live gingen, en riepen ze stuk voor stuk op. Niet omdat er een klacht was, maar omdat vrijwel niemand die controle ooit doet. Je betaalt voor een link, je krijgt een URL, je vinkt de bestelling af. Wat er daarna met die pagina gebeurt, blijft ongemeten.
De uitkomst was geruststellender dan verwacht, maar de zes plaatsingen die wel stuk waren, waren op precies dezelfde manier stuk. En dat patroon is bruikbaar voor iedere linkkoper, ook buiten ons netwerk.
Hoe snel verdwijnen backlinks eigenlijk?
Sneller dan de meeste marketeers aannemen. Ahrefs crawlde in hun link rot-onderzoek ruim twee miljoen domeinen en vond dat 66,5 procent van de links die sinds januari 2013 naar die sites wezen inmiddels dood is. Tel je de links mee die technisch nog bestaan maar SEO-technisch niets meer doen (gedeïndexeerde pagina's, redirect-ketens, soft 404's), dan loopt het op tot 74,5 procent.
Het gaat ook meteen hard aan het begin: ongeveer 8 procent van alle links breekt binnen de eerste drie maanden, en na zeven jaar is 44 procent weg. Dat is geen langzaam verwelken op de lange termijn, dat is een deel van je linkprofiel dat al verdwijnt terwijl je campagne nog loopt.
Het bredere web laat hetzelfde beeld zien. Het Pew Research Center onderzocht in 2024 wat er gebeurde met pagina's uit de tien jaar daarvoor: van de pagina's die in 2013 bestonden was 38 procent tien jaar later onbereikbaar, en een kwart van alle pagina's uit de periode 2013 tot 2023 was in oktober 2023 al verdwenen. Zelfs 23 procent van de nieuwspagina's bevat minstens één dode link, en bij Wikipedia geldt dat voor 54 procent van de artikelen. Search Engine Journal vatte die cijfers samen voor de SEO-wereld.
Kortom, iedere linkbuilder werkt met een voorraad die uit zichzelf leegloopt. De vraag is niet of dat gebeurt, maar hoeveel je ervan meekrijgt.
Wat we vonden in 527 eigen plaatsingen
Van de 527 plaatsingen tussen maart 2024 en augustus 2026 reageerden er 521 met een gewone 200, oftewel 98,9 procent. Zes gaven een 404: 1,1 procent uitval over ruim twee jaar, tegenover tientallen procenten op het open web. Uitgesplitst: drie uit 2024, twee uit 2025 en één uit 2026.
Van 180 plaatsingen konden we uit het aangeleverde artikel opmaken naar welk domein de klant linkte. In al die gevallen stond die link er nog gewoon in. De handvol afwijkingen bleek bij controle te gaan om afbeeldingsbronnen zoals Pixabay, niet om klantlinks. Er is dus geen enkele plaatsing waarbij de redactie de link stilletjes uit een levend artikel heeft gehaald.
Waarom staat een beheerd netwerk zo veel stabieler?
Omdat de drie grootste oorzaken van linkverval er niet spelen. Het domein wordt niet opgeheven, de hosting valt niet weg, en er is geen CMS-migratie waarbij iemand besluit dat de oude URL-structuur wel anders kan. Bij een gemiddelde gastblogplaatsing op een willekeurige site heb je geen van die drie garanties. Dat verschil, 1,1 procent tegenover tientallen procenten, is het echte argument voor plaatsen op domeinen waarvan iemand het beheer serieus neemt.
Niet de site verdwijnt, de URL
Het opvallendste zit in die zes dode plaatsingen: bij alle zes is het domein zelf gewoon online. We hebben ze nagelopen, ze geven allemaal netjes een 200 op de homepage. Vier van de zes zitten bovendien op slechts twee domeinen, wat wijst op een herstructurering en niet op zes losse ongelukken.
Dat is het patroon dat je moet onthouden. Sites gaan zelden dood. Wat sterft is de specifieke URL waarop jouw artikel stond, meestal doordat iemand een slug aanpaste, een categorie hernoemde of een oud artikel opruimde. En dat is verraderlijk, want een oppervlakkige controle van het domein slaat nergens alarm.
Google is er duidelijk over wat er dan gebeurt. In de documentatie over redirects staat dat een permanente 301 de signalen doorgeeft naar de nieuwe URL. Zonder redirect ben je die signalen kwijt: de link wijst naar een 404, en er is geen pagina meer om waarde aan door te geven. Het verschil tussen een verplaatst artikel met redirect en een verplaatst artikel zonder redirect is dus het verschil tussen een werkende backlink en weggegooid geld.
Dat sluit aan op iets wat we eerder becijferden over de vertraging tussen backlink en ranking. Als het effect van een link pas na weken tot maanden landt, dan is een link die na drie maanden achter een 404 verdwijnt nooit tot volle waarde gekomen.
Hoe controleer je of je link nog werkt?
Met vijf checks per plaatsing. Je hebt geen dure tool nodig, alleen een lijst met je gekochte URL's en een halfuur per kwartaal.
- Statuscode van de artikel-URL. Roep de pagina op en let op de code, niet op wat je in je browser ziet. Een 404 is duidelijk, maar let ook op een 301 naar de homepage: dat is technisch geen fout en praktisch net zo waardeloos.
- Staat je link er nog letterlijk in? Zoek in de broncode van de pagina naar je eigen domein. Redacties herschrijven artikelen en halen daarbij weleens uitgaande links weg zonder iemand te informeren.
- Klopt het linkattribuut nog? Een CMS-update of een nieuwe plug-in kan achteraf overal nofollow of sponsored op zetten. Wat dat voor je link betekent, hebben we uitgewerkt in het stuk over sponsored, nofollow en dofollow.
- Is de pagina nog geïndexeerd? Zoek de exacte titel in Google. Een artikel dat uit de index is gevallen levert je nauwelijks nog iets op, ook al staat de link er keurig in.
- Wijst je eigen doel-URL nog ergens heen? Dit vergeten mensen het vaakst. Je verbouwt je site, je productpagina krijgt een nieuwe URL, en die dure backlink loopt sindsdien tegen je eigen 404 aan.
Doe dit een keer per kwartaal voor alles wat ouder is dan drie maanden. Op basis van de Ahrefs-cijfers mag je bij plaatsingen op willekeurige externe sites rekenen op enkele procenten uitval per controleronde. Vind je structureel meer, dan zegt dat iets over de kwaliteit van je inkoopkanaal, niet over de pech die je hebt.
Wat je bij de bestelling al kunt vastleggen
Repareren achteraf is lastig, want je hebt geen toegang tot het CMS van de uitgever. Voorkomen is grotendeels een kwestie van vooraf de goede dingen afspreken.
Leg vast dat het artikel op een permanente URL komt en niet in een tijdelijke campagnerubriek. Vraag of de uitgever bij een herstructurering redirects instelt, want dat is het enige wat je link redt als de slug verandert. Kies bij voorkeur domeinen met een redactionele geschiedenis van jaren in plaats van sites die net zijn opgezet, en spreid je plaatsingen over meerdere uitgevers: onze eigen zes uitvallers zaten met vier stuks op twee domeinen, en dat is precies wat er gebeurt als je alles bij een partij neerlegt.
Let er tot slot op dat het artikel zelf blijft leven. Een plaatsing die nooit een interne link krijgt en na een half jaar dertig pagina's diep in het archief zakt, is technisch nog in orde maar praktisch onzichtbaar. Dat effect beschreven we eerder bij verouderde content die je backlinks waardeloos maakt.
Wat doe je met een link die al dood is?
Je hebt meer herstelmogelijkheden dan de meeste mensen denken. Hieronder staan ze op volgorde van oplopende moeite, dus werk ze van boven naar beneden af.
Begin bij je eigen kant. Wijst de link naar een URL op je eigen site die niet meer bestaat, dan los je het in vijf minuten op met een 301 naar de opvolger. Dit is de goedkoopste linkbuilding die er is: je betaalt niets, je hoeft niemand te mailen, en de autoriteit die al naar je onderweg was komt gewoon weer binnen. Kies wel een inhoudelijk vergelijkbare pagina. Alles naar de homepage doorsturen leest voor Google als een soft 404 en levert je weinig op.
Zoek daarna de nieuwe locatie van het artikel. Vier van onze zes dode plaatsingen zaten op twee domeinen die zelf gewoon draaien, wat betekent dat het artikel bijna zeker nog bestaat onder een andere URL. Zoek de titel in Google of blader door het archief van de uitgever. Vind je het terug, dan hoef je alleen je administratie bij te werken en te controleren of je link de verhuizing heeft overleefd.
Mail pas daarna de uitgever. Doe dat kort en feitelijk: welk artikel het betrof, wanneer het geplaatst is, welke URL nu een 404 geeft, en de vraag of ze een redirect willen instellen naar de nieuwe locatie. Een redactie die een CMS-migratie heeft gedaan weet vaak niet welke oude URL's ze zijn kwijtgeraakt, dus je meldt eerder een technisch probleem dan dat je een gunst vraagt. Bewaar bij een betaalde plaatsing altijd de bevestiging van je bestelling, want die maakt het gesprek een stuk eenvoudiger.
Wanneer accepteer je het verlies?
Als het domein zelf is verdwenen of van eigenaar is gewisseld, houdt het op. Een teruggevorderd bedrag is dan meestal niet realistisch, zeker niet als de plaatsing jarenlang keurig heeft gestaan. Verwerk het als wat het is: de afschrijving die bij dit kanaal hoort. Reken bij plaatsingen op externe sites op enkele procenten uitval per jaar en neem dat mee in je budget, in plaats van iedere uitvaller als incident te behandelen.
Wat je wel doet, is bijhouden wáár je verliest. Zitten je uitvallers steeds bij dezelfde uitgever of hetzelfde inkoopkanaal, dan is dat geen pech maar een signaal over de kwaliteit van die partij, en heb je een concreet argument om je budget ergens anders heen te schuiven.
De drie dingen die je deze week regelt
Zet eerst al je gekochte links van het afgelopen jaar in een simpel overzicht: datum, artikel-URL, doel-URL, anchor. Als je daar nu al niet uitkomt, is dat je eerste probleem, want wat je niet hebt opgeschreven kun je ook niet controleren.
Loop daarna die lijst een keer volledig af met de vijf checks hierboven. Reken op een handvol verrassingen, vooral bij plaatsingen ouder dan een jaar en bij doel-URL's op je eigen site die je zelf hebt verplaatst. Dat laatste is meteen het goedkoopste herstel dat er bestaat: een redirect op je eigen server en de waarde loopt weer binnen.
En verschuif tot slot je aandacht bij de inkoop een stukje. De meeste kopers vergelijken domeinen op DR en prijs per plaatsing, en dat is logisch. Maar een link die na acht maanden achter een 404 verdwijnt, was hoe dan ook te duur, ongeacht de autoriteit van het domein waarop hij stond. Stabiliteit is een inkoopcriterium, niet een detail voor achteraf.